Passie - vervolg
“De bergen geven mij inspiratie. Ik kan er mijn dromen waarmaken, mijn grenzen verleggen en een nieuwe dimensie geven aan mijn managementervaring. Mijn werk als zelfstandig interim-manager combineer ik met het bergbeklimmen en het geven van lezingen en trainingen. Ook schrijf ik over mijn klimervaringen. Een prachtige combinatie. Centraal bij deze activiteiten staat het inspireren van mensen.
Ik ervaar het als een groot geluk dat ik er in 1983 bij toeval achter kwam, dat mijn échte inspiratiebron in de bergen ligt. Ik maakte met een paar vrienden een trektocht met tent in Oostenrijk en had het gevoel: dit is het! Er is daarna geen jaar meer voorbij gegaan zonder bergen. En of ik nu een trektocht maak in de Alpen of de Himalaya, overnacht in een tent of in een berghut, op de rotsen of in de sneeuw klim, ik voel mij eigenlijk altijd gelukkig in de bergen. Daar kan ik mijn grenzen verleggen. Ook kan ik er afstand nemen van de dagelijkse hectiek en weer helder zien wat ik écht belangrijk vind. Verder is het een unieke ervaring om te merken, dat je tijdens het klimmen zo’n sterke band met je teamgenoten opbouwt.”
Wat in 1983 begon met het maken van zware trektochten groeide steeds meer uit tot het echte bergbeklimmen. Van het een kwam het ander: in 1994 ging Katja Staartjes voor het eerst naar Nepal voor een trektocht. In 1995 volgde de beklimming van Mera Peak (6500 m). De Cho Oyu werd met 8201 m de eerste top boven de achtduizend meter. Een jaar later, op hemelvaartsdag 1999, volgde de Mount Everest, met 8848 m de hoogste berg ter wereld. Over deze beklimming schreef Katja het boek Hoog spel.
Ontwikkeling
Wie denkt dat je als klimmer na het beklimmen van de Everest klaar bent, heeft het mis. In absolute zin zijn er inderdaad geen hogere toppen, maar er zijn genoeg bergen die in technische zin aanzienlijk lastiger te beklimmen zijn dan de eenvoudigste route op de Mount Everest. Dus uitdagingen genoeg!
“Als je dat wilt, kun je je altijd verder ontwikkelen. Op welk vlak dan ook. Bij een beklimming kan de uitdaging ook liggen in de onbekendheid van het gebied of in het zelf vormgeven van een expeditie. Zo volgde in 2003 de beklimming van de moeilijke Ama Dablam. En in 2004 organiseerde ik voor het eerst een zelfstandige expeditie. Doel: Gasherbrum 1 + 2 beklimmen in Pakistan.
Het was heerlijk om deze expeditie te ondernemen samen met mijn man Henk (Wesselius). We vullen elkaar goed aan en vormen een sterk duo. Het resultaat van de expeditie: de top van Gasherbrum 1 (8068 m), een Nederlandse primeur.
Op deze beklimming kijk ik met een goed gevoel terug, temeer daar we de top mede haalden door samenspel. Zowel binnen ons eigen team als met twee andere teams. De top is belangrijk, maar het gaat ook om de route en de wijze waarmee je de top haalt.”
In 2006 volgde een eigen kleinschalige expedtie naar Dhaulagiri (8167 m). In 2008 leidde Katja Staartjes twee expedities naar de achtduizender Manaslu (8163 m). De expeditie van het voorjaar, met een bezield vijfkoppig Nederlands team, strandde helaas op 7700 m. In het najaar gingen Katja Staartjes en echtgenoot Henk Wesselius terug naar de Manaslu, de 'berg van de ziel'. Voor het eerst zonder ondersteuning van andere teamgenoten of klimsherpa's. Het tweetal bereikte de voortop op 8140 meter, 20 meter onder de echte top. Een teleurstellend resultaat, maar op dat moment het hoogst haalbare.
"We zijn opnieuw wél gezond en veilig teruggekeerd uit de zone des doods. Het leven is natuurlijk niet altijd rozengeur aan manenschijn. Soms lukt het niet wat je voor ogen hebt, een grote teleurstelling die eerst moet bezinken. Maar belangrijk is, om uiteindelijk je bezieling te behouden. Leren van eerdere ervaringen en je daarmee richten op een nieuw motiverend doel. Persoonlijke ontwikkeling houdt nooit op."
Voor meer informatie over de beklimmingen van Katja Staartjes: zie Expedities.
![]() |
![]() |

